Schoonwerk beton

Schoonwerk beton is vaak een punt van discussie. We willen graag dat het beton mooi, egaal, vlak en strak gevormd is. Maar hoe regel je dit nu en wat is reëel?

Volgens de betonnorm NEN 6722 kunnen we kiezen uit 3 oppervlaktebeoordelingsklassen.

  • Klasse A; standaard klasse waarbij in tabel 8 van de NEN enige toleranties en eisen zijn weergeven.
  • Klasse B; bijzondere esthetische eisen. Deze klasse is in deze norm niet gespecificeerd en zal door de opdrachtgever moeten worden vastgelegd in een projectspecificatie.
  • Klasse C; geen esthetische eisen.

Uit het bovenstaande is duidelijk af te leiden dat klasse B schoonwerk beton is en klasse C niet. De vraag is nu of klasse A dat ook is. Klasse B is lastig om te benoemen omdat dit niet is gedefinieerd in de norm. Klasse A is daarom door velen (bij gebrek aan beter) ‘omarmd’ als een schoonwerk klasse. Toch vind ik dit onterecht. In de onderstaande tabel (zoals opgenomen in de norm) is te lezen dat er bijvoorbeeld geen bijzondere eisen worden gesteld aan de kleur terwijl dat nu juist ÉÉN VAN DE punten van discussie is bij schoonwerk beton.

Klasse A voldoet
Klasse A zal in veel gevallen voldoen. Denkt u bijvoorbeeld aan klein prefab zoals betonnen afdekkers, waterslagen, lateien e.d. Dit zou men ook kunnen aanhouden bij bijvoorbeeld prefab betonnen balkons en galerijen. Een zinvolle aanvulling bij het benoemen van de esthetische eisen zou bijvoorbeeld kunnen zijn een omschrijving omtrent bemonstering/keuring.

Bijvoorbeeld

Voor de volgende zichtwerk prefab onderdelen [onderdelen benoemen], zal de aannemer min. 5 proeftegels in aangegeven kleur [kleur opnemen in omschrijving] aanbieden van ca. 250×250 mm. Deze 5 proeftegels zullen op basis van visuele waarneming beoordeeld worden. Van de 5 proeftegels zullen 3 tegels uitgekozen worden waarvan 1 de (bij benadering) juiste kleur/tint bevat en 2 met de uiterst toegestane grenswaarde (donkerder en lichter). De betononderdelen zullen aan de hand van deze tegels gecontroleerd worden of zij binnen de juiste (grijstint)marges vallen. De uitgekozen proeftegels dienen tot het eind van het werk (beschermd) op de bouwplaats bewaard te worden.

CUR Aanbeveling 100
Een andere methode voor het benoemen van schoon werk is het toepassen van CUR Aanbeveling 100 (Schoon werk). In deze CUR is klasse B (welke in NEN 6722 niet nader is ingevuld) grotendeels vastgelegd. Waarbij klasse B is onderverdeeld in B1 en B2. Klasse B2 is eigenlijk alleen bruikbaar bij geprefabriceerd beton. Voor het toepassen van deze CUR dient men zich te realiseren dat dit meer inhoud dan het benoemen van de klasse in het bestekboek. Zo zal men tevens een projectspecificatie moeten opnemen waarin voorschriften en eisen worden vastgesteld. Het toepassen van deze CUR is niet raadzaam indien men hier niet van tevoren over heeft nagedacht.

Tenslotte dient men zich te realiseren dat het gebruik van schoonwerk beton al in de vroege stadia van het ontwerp meegenomen moet worden. Zo kunnen (met name) toleranties conform de CUR Aanbeveling 100 alleen gerealiseerd worden als de detailleringen hierop zijn afgestemd.

De overeenkomsten bij bouw van woningen met garantie- en waarborgregelingen

Koopwoningen worden meestal verkocht met een zogenaamde garantie- en waarborgregeling. Twee veel gebruikte overeenkomsten voor de bouw van deze woningen zijn de koop-/aannemingsovereenkomst en de zogenaamde gesplitste koop-/aannemingsovereenkomst.

Koop-/aannemingsovereenkomst

De ontwikkelaar verzorgt het ontwerp en sluit daarvoor overeenkomsten met de ontwerpende partijen. Meestal is de DNR 2005 (2011) de basis voor de overeenkomsten tussen de ontwerpende partijen en de ontwikkelaar. De ontwikkelaar zal een koop-/aannemingsovereenkomst met de koper sluiten voor de verkoop van de grond en de bouw van de woning. De ontwikkelaar zal een aannemingsovereenkomst met de aannemer sluiten voor de bouw van de woningen. De ontwikkelaar is in deze laatst genoemde overeenkomst de opdrachtgever en hanteert hiervoor in het algemeen de UAV als voorwaarden. Dit is een duidelijke structuur en de gebruikte voorwaarden zijn bestaand en bekend bij de partijen. Voor de opdrachtgever is het zaak om alle verplichtingen die hij vanuit de koop-aannemingsovereenkomst naar de koper toe heeft ook door te leggen naar de aannemer. Hiervoor kan het bestekboek gebruikt worden.

Schema koop-/aannemingsovereenkomst
Schema met koop-/aannemingsovereenkomst

Gesplitste koop-/aannemingsovereenkomst

Ook hier verzorgt de ontwikkelaar het ontwerp en sluit daarvoor overeenkomsten met de ontwerpende partijen. De DNR 2005 vormt ook hier over het algemeen de basis voor de overeenkomsten tussen de ontwerpende partijen en de ontwikkelaar. De ontwikkelaar zal een koopovereenkomst met de koper sluiten voor de verkoop van de grond. De aannemer zal een aannemingsovereenkomst sluiten met de koper voor de bouw van het huis. In de laatste 2 genoemde overeenkomsten zullen de garantie- en waarborgregelingen van toepassing zijn. De koop- en de aannemingsovereenkomst worden dus door verschillende partijen met de koper afgesloten maar zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Er is nu nog een overeenkomst nodig tussen ontwikkelaar en aannemer. Dit is echter geen aannemingsovereenkomst omdat de ontwikkelaar niet de opdrachtgever is van de aannemer. De opdrachtgever is in dit geval de koper. De overeenkomst tussen ontwikkelaar en aannemer kan dus niet op basis van de UAV aangezien dit voorwaarden voor een aannemingsovereenkomst zijn. In het onderstaande schema heet deze overeenkomst samenwerkingsovereenkomst. maar het kan elke andere naam dragen zolang het maar niet aannemingsovereenkomst is.

Schema geplitste koop-/aannemingsovereenkomst
Schema met gesplitste koop-/aannemingsovereenkomst

Het blijkt voor velen  een lastige hobbel om te nemen want de UAV vormt in veel gevallen nog steeds de basis voor de overeenkomst die in het bovenstaande schema samenwerkingsovereenkomst heet en dat kan echt niet. Daarnaast moet er over het algemeen ook een overeenkomst gesloten worden voor onverkochte eenheden (indien van toepassing). Dit is wel een aannemingsovereenkomst en zou op basis van de UAV kunnen worden gesloten. Het ligt echter voor de hand om een overeenkomst te sluiten die beter aansluit op de koop- en aannemingsovereenkomst die met een koper worden gesloten.

Kwaliteit niet benoemd in het bestekboek

Als een kwaliteit van een product (ogenschijnlijk) niet benoemd is in het bestekboek levert dit regelmatig vragen op. Relevant is of dit echt niet is vastgelegd. Indien het betreffende product alleen genoemd is maar niet verder is gespecificeerd wil dat nog niet zeggen dat er niets vast ligt voor de kwaliteit.

Voorbeeld houten binnenspouwblad:
OSB en multiplex zijn beiden genoemd maar verder dan de dikte is er niet nader gespecificeerd. Zo lijkt het althans. In de titel van de omschrijving is te lezen HOUTEN BINNENWAND (BRL 1001+w06). Deze BRL (beoordelingsrichtlijn) omschrijft onder andere de minimale kwaliteit van multiplex (namelijk klasse D volgens BRL 1705) en de minimale kwaliteit van de OSB (namelijk klasse 3 volgens BRL 1106). Zonder verder (extra) benoemd te worden in het bestekboek is er dus wel degelijk een kwaliteit vastgelegd.

Voorbeeld kozijn:
Zo is onder de omschrijving van een kozijn (volgens BRL 0801) als toebehoren lood benoemd t.p.v. de onderdorpel. Volgens de kvt moet dit lood minimaal Code 15 groen zijn (1,32 mm dik). De lengte van de stroken max. 1000mm enz.

Voorbeeld metselwerk:
Voor het metselwerk wordt BRL 1007 gehanteerd in de omschrijving. Dit betekent dat zowel BRL 2826 “vervaardiging van metsel- en lijmwerkconstructies en/of voegwerk” als de uitvoeringsrichtlijnen PBL0357, PBL0475 en PBL0359 van toepassing zijn. Daarbij is Cur-aanbeveling 61 “Het voegen van metselwerken” integraal opgenomen in PBL0359. Zonder dat u dit direct leest in het bestekboek zijn er er dus 4 richtlijnen opgenomen welke bij elkaar mogelijk nog meer pagina’s tellen dan het bestekboek zelf.

Fabricaat en type
Ook indien een fabricaat en een type genoemd zijn worden (automatisch) diverse specificatie vastgelegd. Mogelijk staat er niets bij de vulling van een deur omschreven maar op het moment dat een fabricaat en een type genoemd zijn kan dit betekenen dat er maar 1 bepaalde vulling mogelijk is.

Zonder dat dit letterlijk is benoemd in het bestekboek zijn er allerlei voorschriften en richtlijnen van toepassing en worden verschillende specificaties vastgelegd. Dat lijkt natuurlijk heel handig en veilig maar als men niet weet wat er exact staat kan dit natuurlijk ook strijdig zijn met dat wat de opdrachtgever voor ogen heeft. Het is duidelijk dat er veel kennis nodig is om bestekboeken op te stellen en zelfs om te lezen.

Auteur

IMG_6126Mijn naam is Dennis Vijftigschild. Ik ben als contractdeskundige al jaren betrokken bij de
technische en administratieve aspecten van bouwcontracten. Met mijn bedrijf PSB Projekt-Service Buro b.v. ben ik in de rol als adviseur vooral terug te vinden voor en tijdens contractvorming, maar ook als ondersteuning van de directie tijdens de uitvoering. Er valt veel te verbeteren aan de contracten in de bouw. Niemand heeft baat bij een onduidelijk contract. Een goed contract is de basis voor zorgeloos bouwen voor zowel de opdrachtgever (en zijn adviseurs) als voor de aannemer(s). Te nemen hobbels tijdens de uitvoering (en erna) zijn naar mijn mening onoverkomelijk. Als het contract een stabiele basis vormt zal dit tot veel minder frustraties leiden.  Investeren in een passend contract voor een project levert altijd meer op dan hier vooraf op bezuinigen. Begin tijdig aan de uitwerking van het contract en laat u altijd goed informeren.

View Dennis Vijftigschild's profile on LinkedIn

PSB is lid van de BNB
Bond van Nederlandse Bestekdeskundigen